De wekker is onverbiddelijk. Om kwart voor zes staan Jeffrey, Tiebo en ik al klaar. Vandaag is de dag van het event bij Nagoshi, en we weten uit ervaring: dit wordt een gekkenhuis. Nagoshi ligt op twee uur rijden van Nagaoka, een prachtige route langs de kust waar de Japanse natuur zich van haar ruigste kant laat zien. We denderen door zeker vijftig kilometer aan tunnels, met af en toe die flitsende blauwe zee aan de horizon. We rijden samen met onze agent, Mr. Nishikigoi, die deze kweker echt op de kaart heeft gezet. Het is een mooi samenspel; kwekers zijn fantastische boeren, maar voor de marketing hebben ze de agenten nodig die de overzeese markt begrijpen. De tijd van het alleenrecht is voorbij, en dat merken we als we om kwart voor acht het terrein opdraaien.
De grijze lucht en regendruppels op de ruiten bij Kanno kunnen de pret niet drukken. De gele bloemen langs de weg steken fel af tegen de groene berghellingen. We moeten scherp zijn. Bij Nagoshi staan de blauwe bakken er strak bij, elk gevuld met een mix van vissen. Het systeem is simpel maar zenuwslopend: je hebt tot acht uur om te kijken, daarna wordt er geloot voor de volgorde van vijverkeuze. Tiebo en ik hebben een tactiek. Hij scant de ene kant, ik de andere. We hebben een spiekbriefje op Tiebo's hand geschreven met onze eerste, tweede en derde voorkeur. Je moet een plan B hebben als iemand anders jouw vijver wegkaapt.
Het geluk lacht ons toe. Hoewel we als derde mogen kiezen, pakt de dealer uit Vietnam (die eerste was) een heel andere vijver en ook Stefan Koster, die de tweede keus had, aast niet op onze bak. We hebben onze eerste keus! Dan begint het echte werk: het scheppen. We staan met de voeten op de metalen roosters en de handen in het water. De Sanke-kwaliteit is dit jaar werkelijk fenomenaal. We zoeken naar die specifieke balans, die krachtige bouw en het sumi dat eruit knalt. De Kohaku bij Nagoshi vonden we dit jaar wat minder, en dan zijn we streng: als de kwaliteit niet aan onze eisen voldoet, kopen we ze niet. We gaan geen concessies doen voor de variatie in de box; alleen het beste komt naar Marum.
We blijven veel langer dan de rest. De zon breekt fel door, wat rampzalig is voor de foto's. We moeten de loodzware blauwe bowl twee keer verplaatsen, inclusief al het water, naar een plek met betere schaduw. Maar het resultaat mag er zijn: twee complete boxen vol topkwaliteit, waaronder een schitterende Hi Utsuri van 47 centimeter en een reeks krachtige nisai Sanke. We hebben zelfs op het laatste moment nog twee extra Sanke kunnen 'pikken' die we echt niet konden laten zitten. Vorig jaar slaagden we hier niet, maar vandaag maken we dat dubbel en dwars goed.
Na de adrenaline bij Nagoshi rijden we door naar Hirasawa. In de enorme kas, tussen de hangende netten en de geur van vers water, treffen we de oude meester zelf: de vader van Yoshioki. Hij schuifelt voorzichtig langs de bakken met een korset over zijn kleding. 'Itai, itai,' mompelt hij, wijzend naar zijn rug. Pijn. Ik ken de oude baas al jaren en weet waar hij van houdt. Ik loop naar de auto en haal een stukje Nederlandse kaas voor hem. Zijn gezicht klaart direct op. Kaas is hier het ultieme smeermiddel voor de goede relaties.
De volgende stop is Marudo. Het is een mooi adres om de dag mee af te sluiten omdat het op de weg terug naar Nagaoka ligt. We zien daar onze collega Kim Kloet een werkelijk gigantische yonsai Kohaku scoren. Een prachtig beest en een verrijking voor Europa. We geven hem een welgemeende high-five; ook al zijn we concurrenten, als liefhebbers onder elkaar gunnen we elkaar deze topstukken. Bij Marudo lachen we de vermoeidheid weg, ook al vinden we zelf voor onze zoekopdrachten op dit moment niet precies wat we zoeken.
De dag vordert en we staan weer buiten bij de bassins van een volgende kweker. De luchtpompen brommen op de achtergrond terwijl we met de pen in de hand de laatste selecties noteren. Het is vermoeiend, maar de aanblik van een bowl vol kleurrijke Nishikigoi geeft altijd weer nieuwe energie. We kijken kritisch naar de kiwa en sashi, en discussiëren over de groeipotentie.
Op weg naar Hosokai passeren we een klein houten heiligdom op een talud. Een kort moment van rust in een verder hectische dag. Bij Hosokai aangekomen blijkt dat we 'achter het net vissen'. Ze hebben die ochtend afgevangen en de beste vissen zijn al weg. Dat is het risico van keuzes maken; je kunt niet op twee plekken tegelijk scheppen. We spreken af dat we later in de week terugkomen voor een nieuwe kans.
We eindigen de dag bij Miyatora voor een heel speciaal moment: de azukari update van Jeffrey’s Sanke. De vis is maar liefst 11 centimeter gegroeid! De ontwikkeling is stabiel; het sumi en beni zijn nog lang niet 'klaar', maar dat is precies de bedoeling van Takumi’s bloedlijn. Het is een vis voor de lange termijn, eentje die pas over een paar jaar zijn volle pracht toont. Jeffrey schudt de hand van Takumi en besluit de vis nog een jaar in Japan te laten. De kweker ziet de potentie ook, en dat is de ultieme bevestiging. Moe maar voldaan kijken we terug op een dag vol succesvolle vangsten en mooie momenten met oude bekenden. De buit is binnen, en wat voor een buit.
